de casus is naar waarheid beschreven, alle namen in dit blog zijn echter fictief!
In mijn functie van procescoördinator verwijsindex, belt Mieke, intern begeleider van een reguliere basisschool mij op. Ze heeft ruim een jaar geleden leerling Finn geregistreerd en nooit een match ontvangen. Finn is destijds vanuit school naar de jeugdhulpverlening gegaan, maar daar heeft ze toen geen uitvoerig contact mee gehad. Vanuit de hulpverlening is geen match gekomen. Inmiddels heeft ze twee verhuisberichten ontvangen en ze is bang dat dit mannetje tussen wal en schip dreigt te vallen. Zonder inhoud te vertellen, geeft ze aan dat het een kwetsbaar migrantengezin betreft. Haar vraag is heel concreet: is hij nog bij een professional in beeld?
Door met mij contact op te nemen, kan ik als 'live' verwijsindex fungeren tussen de verschillende contactpersonen van organisaties en provincies. Op basis van de NAW-gegevens ga ik aan de slag om Finn op te sporen.
Ik zie geen adresgegevens, dus rechtstreeks contact met het gezin opnemen is niet mogelijk. Ik bel de betreffende jeugdhulpinstelling. Zij waren destijds nog niet op de verwijsindex aangesloten, dus ze hebben geen signaal afgegeven. Hij blijkt niet in het systeem voor te komen..... dat is vreemd en de behandelcoördinator gaat intern verder zoeken. Het zal een paar dagen duren eer ik wat zal horen. Ik bel nog met voormalig BJZ en daar blijkt wel een indicatiebesluit in het systeem te staan. Het nummer van het indicatiebesluit mail ik naar de behandelcoördinator, wellicht helpt het bij de interne zoektocht. Na het weekend loop ik naar het planburo van de jeugdgezondheidszorg (JGZ). Ook daar stel ik de vraag: is Finn bij de JGZ in beeld? Ze kijkt het na en hij blijkt niet in de gemeente ingeschreven te staan.... Ik sta voor een raadsel: hij was juist naar onze gemeente verhuist! Ik log opnieuw in bij de verwijsindex en inderdaad: de dag ervoor is het adres aangepast naar een gemeente van een andere provincie....
Ik mail de provinciale projectleider verwijsindex van de betreffende provincie met de vraag: bij wie kan ik terecht met deze vraag? Want uiteraard gaat de informatie van Finn niet over de mail. De procescoördinator zet de mail door naar Anne, de procescoördinator van de betreffende gemeente. Een dag later belt Anne mij. Ik geef de gegevens door en ze pakt de zaak intern op. Inmiddels krijg ik een mail van de jeugdhulpinstelling dat Finn wel bij hun in zorg is geweest en goed is weg gegaan. De instelling is na zijn vertrek overgegaan op een nieuw registratiesysteem en daar stond hij niet in.... Een uurtje later krijg ik opnieuw een telefoontje van Anne: ze heeft navraag gedaan bij de JGZ en Finn zit op speciaal onderwijs en wordt gezien door de jeugdarts.
Met deze informatie kan ik Mieke bellen en haar gerust stellen: Finn is in beeld en in zorg! Ze is opgelucht en kan nu met een goed gevoel haar signaal in de verwijsindex afsluiten.
Ik ben echt superblij met de Mieke's van het onderwijs: ze nemen hun verantwoordelijkheid door kinderen goed te volgen zodat ze niet tussen wal en schip vallen of zorg gaan mijden. Dit is waar de verwijsindex om draait en de meerwaarde van verhuisberichten! Gelukkig is Finn in zorg en is er geen sprake van zorg mijden, maar het had ook anders kunnen zijn.....
Dus: laat kinderen niet zomaar los! Overtuig jezelf ervan dat ze bij een (volgende) organisatie aankomen en in zorg zijn!
Posts tonen met het label Verwijsindex. Alle posts tonen
Posts tonen met het label Verwijsindex. Alle posts tonen
dinsdag 8 september 2015
maandag 24 juni 2013
Onderwijs: signaleren is niet voldoende!
Ik geef veel voorlichtingen op basisscholen: voor het hele team. Leerkrachten, directie, ib-ers en soms ook de conciërge erbij. Mooi om te doen, maar soms.... soms schrik ik.
De professionals binnen het onderwijs zijn de enige beroepsgroep die 100% van alle kinderen in Nederland zien. Als zij niet signaleren, wie doet het dan? Niet alle kinderen gaan naar de kinderopvang of doen activiteiten bij het jeugd- en jongerenwerk. De Jeugdgezondheidszorg ziet nagenoeg alle kinderen, maar als er niets aan de hand lijkt te zijn, is dat op de basisschool beperkt tot 2x per schoolloopbaan. Daarmee ligt er een grote verantwoordelijkheid bij een team op een basisschool. Want als je je bedenkt dat het gemiddeld 7 jaar duurt eer kindermishandeling aan het licht komt, is er nog veel, heel veel winst te behalen om kinderen eerder te helpen!
Er is veel betrokkenheid op scholen. Leerkrachten staan voor hun leerlingen! Ze doen er alles aan om het goed te laten gaan met 'hun' kinderen. Uit mijn verleden in de jeugdhulpverlening, weet ik dat ze soms te veel doen. Té lang doorgaan, té laat ingrijpen, té lief zijn. Dat ze denken dat het 'allemaal wel meevalt'. Ergens op een school afgelopen weken zei een ervaren leerkracht: "Signaleren kunnen we wel, maar handelen....dat is moeilijk" en daarmee vat ze exact samen wat ik veel tegenkom.
Want dan sta ik voor een schoolteam en geef voorlichting over de Meldcode Huiselijk Geweld & Kindermishandeling en de Verwijsindex. En vaak komen er voorbeelden naar voren van kinderen die in hoofden 'oppoppen' als ik signalen benoem. Dan blijkt dat elke leerkracht wel een kind weet waar zorgen om zijn. Soms is er al hulp in het gezin aanwezig, maar vaak ook niet of school weet niet of ouders / gezin hulp ontvangen. En dan komt de vraag: "wat kunnen we doen als school?". Mijn antwoord is steevast: "ga in gesprek met de ouders, want als jullie het niet doen, wie doet het dan?" en natuurlijk is dat lastig. Zeker als het gaat om oudersignalen: een zwakke thuissituatie, ouders die pedagogisch onmachtig zijn of waarbij het vermoeden is dat er een verslavingsproblematiek speelt. En toch moet het! En als je niet weet hoe te starten, neem dan contact op met bijvoorbeeld het CJG, het AMK of de jeugdverpleegkundige en bespreek met elkaar hoe jij het gesprek vorm gaat geven. Er zijn veel professionals die je in gespreksvoering kunnen coachen.
Start met de gesprekken als de signalen nog niet al te groot zijn, maar benoem ook de kleine dingen als je ouders spreekt. Dat kan al bij tijdens het ophalen na schooltijd. Daarvoor hoef je geen apart oudergesprek te beleggen. Laat merken dat je het kind ziet en ouders serieus neemt als opvoeder. Daarmee bouw je vertrouwen op en heb je een basis om op te bouwen als signalen op gegeven moment écht vragen om actie. Als school het gesprek niet aangaat, doet wellicht niemand het voordat de problemen te groot zijn. Ouders willen uiteindelijk ook het beste voor hun kind. Hun (onveilige) manier van opvoeden komt meestal voort uit onmacht, onkunde of een opeenstapeling van problemen. Veel ouders zullen opgelucht zijn als school met hen in gesprek gaat. Want uiteindelijk is er één gezamenlijk belang: het kind!
Zet het kind en de samenwerking centraal. Veroordeel ouders niet, beoordeel ouders niet, maar ga in gesprek vanuit je professionele betrokkenheid bij het kind. Doe dat in een vroeg stadium, bij relatieve lichte signalen. Volg de stappen van de Meldcode, gebruik de Verwijsindex en neem je professionele verantwoordelijkheid om niet alleen te signaleren, maar ook te handelen! Niet omdat per 1 juli de wet zegt dat moet, maar omdat je een kind kunt helpen om op te groeien in een betere, veiligere thuissituatie!
De professionals binnen het onderwijs zijn de enige beroepsgroep die 100% van alle kinderen in Nederland zien. Als zij niet signaleren, wie doet het dan? Niet alle kinderen gaan naar de kinderopvang of doen activiteiten bij het jeugd- en jongerenwerk. De Jeugdgezondheidszorg ziet nagenoeg alle kinderen, maar als er niets aan de hand lijkt te zijn, is dat op de basisschool beperkt tot 2x per schoolloopbaan. Daarmee ligt er een grote verantwoordelijkheid bij een team op een basisschool. Want als je je bedenkt dat het gemiddeld 7 jaar duurt eer kindermishandeling aan het licht komt, is er nog veel, heel veel winst te behalen om kinderen eerder te helpen!
Er is veel betrokkenheid op scholen. Leerkrachten staan voor hun leerlingen! Ze doen er alles aan om het goed te laten gaan met 'hun' kinderen. Uit mijn verleden in de jeugdhulpverlening, weet ik dat ze soms te veel doen. Té lang doorgaan, té laat ingrijpen, té lief zijn. Dat ze denken dat het 'allemaal wel meevalt'. Ergens op een school afgelopen weken zei een ervaren leerkracht: "Signaleren kunnen we wel, maar handelen....dat is moeilijk" en daarmee vat ze exact samen wat ik veel tegenkom.
Want dan sta ik voor een schoolteam en geef voorlichting over de Meldcode Huiselijk Geweld & Kindermishandeling en de Verwijsindex. En vaak komen er voorbeelden naar voren van kinderen die in hoofden 'oppoppen' als ik signalen benoem. Dan blijkt dat elke leerkracht wel een kind weet waar zorgen om zijn. Soms is er al hulp in het gezin aanwezig, maar vaak ook niet of school weet niet of ouders / gezin hulp ontvangen. En dan komt de vraag: "wat kunnen we doen als school?". Mijn antwoord is steevast: "ga in gesprek met de ouders, want als jullie het niet doen, wie doet het dan?" en natuurlijk is dat lastig. Zeker als het gaat om oudersignalen: een zwakke thuissituatie, ouders die pedagogisch onmachtig zijn of waarbij het vermoeden is dat er een verslavingsproblematiek speelt. En toch moet het! En als je niet weet hoe te starten, neem dan contact op met bijvoorbeeld het CJG, het AMK of de jeugdverpleegkundige en bespreek met elkaar hoe jij het gesprek vorm gaat geven. Er zijn veel professionals die je in gespreksvoering kunnen coachen.
Start met de gesprekken als de signalen nog niet al te groot zijn, maar benoem ook de kleine dingen als je ouders spreekt. Dat kan al bij tijdens het ophalen na schooltijd. Daarvoor hoef je geen apart oudergesprek te beleggen. Laat merken dat je het kind ziet en ouders serieus neemt als opvoeder. Daarmee bouw je vertrouwen op en heb je een basis om op te bouwen als signalen op gegeven moment écht vragen om actie. Als school het gesprek niet aangaat, doet wellicht niemand het voordat de problemen te groot zijn. Ouders willen uiteindelijk ook het beste voor hun kind. Hun (onveilige) manier van opvoeden komt meestal voort uit onmacht, onkunde of een opeenstapeling van problemen. Veel ouders zullen opgelucht zijn als school met hen in gesprek gaat. Want uiteindelijk is er één gezamenlijk belang: het kind!
Zet het kind en de samenwerking centraal. Veroordeel ouders niet, beoordeel ouders niet, maar ga in gesprek vanuit je professionele betrokkenheid bij het kind. Doe dat in een vroeg stadium, bij relatieve lichte signalen. Volg de stappen van de Meldcode, gebruik de Verwijsindex en neem je professionele verantwoordelijkheid om niet alleen te signaleren, maar ook te handelen! Niet omdat per 1 juli de wet zegt dat moet, maar omdat je een kind kunt helpen om op te groeien in een betere, veiligere thuissituatie!
zondag 26 mei 2013
Verwijsindex voorkomt familiedrama's?
De afgelopen weken heeft Nederland in het teken gestaan van Ruben en Julian en de oorzaken en afschuwelijke gevolgen van de vechtscheiding van ouders. En van het feit dat er al 10 instanties betrokken waren en dat niemand iets gedaan zou hebben.... Kan de Verwijsindex dit soort situaties voorkomen?
Mijn antwoord: Nee! De Verwijsindex is een hulpmiddel, geen wondermiddel. Helaas..... Tegen een ouder verblind door woede, haat of met een psychische stoornis kan niemand zich wapenen. Dus ook de Verwijsindex kan dit niet voorkomen.
Maar, afgelopen week gaf ik weer een training Verwijsindex en Meldcode. Daarnaast was ik op 2 scholen om aan het hele team voorlichting te geven. Waar ik voorheen Savannah en Gessica als ultieme voorbeelden gebruikte van slechte samenwerking, kan ik er niet omheen om Ruben en Julian nu ook te noemen. Want 10 instanties... dat is toch wel veel. En ik denk, ook echt té veel. En daar zou de Verwijsindex wel wat aan kunnen veranderen.
Ik weet niet welke instanties betrokken waren en zijn. Ik weet niet of het allemaal hulpverleners waren en of ze tegelijkertijd of na elkaar met het gezin aan de slag gingen. Waren ze er voor één van de gezinsleden of werkten ze systeemgericht? Wisten ze van elkaar dat ze bij het gezin of een gezinslid betrokken waren?'
Vragen waarop ik geen antwoord heb. Maar één ding vraag ik me wel af: had er bij nummer 3, 4 of 5 niet harder aan de bel moeten worden getrokken? Is er toen met het gezin en familie / informeel netwerk rond de tafel gezeten om te kijken naar de gang van zaken en hoe het was voor de jongens? Is er toen gewerkt met een vaste coördinator van zorg?
De Verwijsindex geeft zicht op betrokkenen, dwars door domeinen en zowel vanuit de jeugd- als de volwassenketen. Als duidelijk wordt dat er veel instanties betrokken zijn, is het aan de coördinator van zorg om samen met het gezin en betrokkenen te kijken wie eruit kan stappen. Een gezin is niet gebaat bij -tig hulpverleners maar bij een duidelijk aanspreekpunt die het meeste zelf op kan pakken. Die een specialist alleen invliegt op een specifiek onderdeel.
Voorwaarde is wel dat de Verwijsindex goed is geïmplementeerd in de gemeente, regio en daar buiten. Dus: breed qua type organisaties en vanuit visie van vroegsignalering en samenwerking. Niet vanuit risico's, maar vanuit zorg. Als hulpmiddel voor hulpverleners en ouders waarbij de registratie aanleiding is tot een inhoudelijk gesprek over situatie, doelen en betrokkenen. Want alleen een registratie is niet voldoende: er moet ook opvolging zijn!
Te laat voor Ruben, Julian en andere kinderen. Maar hopelijk op tijd voor andere kinderen en hun gezinnen. Gebruik je eigen netwerk, je eigen lijnen maar ook de Verwijsindex. Voor die betrokeknen die je anders nét gaat missen... Doen!
Mijn antwoord: Nee! De Verwijsindex is een hulpmiddel, geen wondermiddel. Helaas..... Tegen een ouder verblind door woede, haat of met een psychische stoornis kan niemand zich wapenen. Dus ook de Verwijsindex kan dit niet voorkomen.
Maar, afgelopen week gaf ik weer een training Verwijsindex en Meldcode. Daarnaast was ik op 2 scholen om aan het hele team voorlichting te geven. Waar ik voorheen Savannah en Gessica als ultieme voorbeelden gebruikte van slechte samenwerking, kan ik er niet omheen om Ruben en Julian nu ook te noemen. Want 10 instanties... dat is toch wel veel. En ik denk, ook echt té veel. En daar zou de Verwijsindex wel wat aan kunnen veranderen.
Ik weet niet welke instanties betrokken waren en zijn. Ik weet niet of het allemaal hulpverleners waren en of ze tegelijkertijd of na elkaar met het gezin aan de slag gingen. Waren ze er voor één van de gezinsleden of werkten ze systeemgericht? Wisten ze van elkaar dat ze bij het gezin of een gezinslid betrokken waren?'
Vragen waarop ik geen antwoord heb. Maar één ding vraag ik me wel af: had er bij nummer 3, 4 of 5 niet harder aan de bel moeten worden getrokken? Is er toen met het gezin en familie / informeel netwerk rond de tafel gezeten om te kijken naar de gang van zaken en hoe het was voor de jongens? Is er toen gewerkt met een vaste coördinator van zorg?
De Verwijsindex geeft zicht op betrokkenen, dwars door domeinen en zowel vanuit de jeugd- als de volwassenketen. Als duidelijk wordt dat er veel instanties betrokken zijn, is het aan de coördinator van zorg om samen met het gezin en betrokkenen te kijken wie eruit kan stappen. Een gezin is niet gebaat bij -tig hulpverleners maar bij een duidelijk aanspreekpunt die het meeste zelf op kan pakken. Die een specialist alleen invliegt op een specifiek onderdeel.
Voorwaarde is wel dat de Verwijsindex goed is geïmplementeerd in de gemeente, regio en daar buiten. Dus: breed qua type organisaties en vanuit visie van vroegsignalering en samenwerking. Niet vanuit risico's, maar vanuit zorg. Als hulpmiddel voor hulpverleners en ouders waarbij de registratie aanleiding is tot een inhoudelijk gesprek over situatie, doelen en betrokkenen. Want alleen een registratie is niet voldoende: er moet ook opvolging zijn!
Te laat voor Ruben, Julian en andere kinderen. Maar hopelijk op tijd voor andere kinderen en hun gezinnen. Gebruik je eigen netwerk, je eigen lijnen maar ook de Verwijsindex. Voor die betrokeknen die je anders nét gaat missen... Doen!
woensdag 27 maart 2013
Verwijsindex en Meldcode: ze ondersteunen elkaar!
Verwijsindex en Meldcode worden regelmatig gezien als twee aparte zaken. En dat is jammer, want ze werken aanvullend en ondersteunend aan elkaar. Beide gaan over zorg en beide gaan over samenwerken: met ouders én met professionals.
Per 1 juli a.s. wordt de Meldcode Huiselijk Geweld en Kindermishandeling wettelijk verplicht voor de sectoren gezondheidszorg, onderwijs, kinderopvang, maatschappelijke ondersteuning, jeugdzorg en justitie. De Verwijsindex is onderdeel van de Wet op de Jeugdzorg. Gemeenten zijn verplicht een Verwijsindex te hebben en het gebruik te bevorderen.
Bevorderen? Hoe dan? Uit ervaring in Eemland blijkt dat het helpt om het verhaal van de Meldcode én dat van de Verwijsindex integraal aan te bieden. Het een versterkt de ander, want bij beide gaat het om zorg. Geef de Verwijsindex dus de logische plaats in de Meldcode die van toepassing is en er worden meerdere doelen bereikt.
De Meldcode richt zich op Huiselijk Geweld (HG) en Kindermishandeling (KM). Maar stap 1 t/m 3 gaan over signalen. Signalen van zorg in brede zin. Het kunnen signalen zijn die duiden op HG of KM, maar dat hoeft niet! Een instabiele thuissituatie; teruggetrokken gedrag bij een jongere; een kind met kapotte en te kleine kleding... het kunnen signalen van HG of KM zijn, maar dat hoeft niet! Er zijn meer factoren die aan deze signaen ten grondslag kunnen liggen en velen daarvan hebben niets te maken met HG of KM! Maar het gaat om het signaleren, juist de lichte signalen. Want hoe vroeger die signalen met het gezin bespreekbaar gemaakt worden, hoe gemakkelijker het is om het gezin te (onder-)steunen in het regelen van hulp of begeleiding. Zonder drang- of dwang.
In stap 1 gaat het om di signalen. In stap 2 bespreek je met een collega hoe je die signalen moet interpreteren. En dan komt ook de Verwijsindex aan bod: is het al nodig om dit kind in de Verwijsindex te registreren? Waarom wel of waarom niet? Stap 1 en 2 (en ook stap 3) kunnen meerdere keren voorkomen. Maar: er komt een moment waarin je je zorg met de ouders bespreekt. Je zet het kind en de zorg centraal. Geen oordelen, niet veroordelen, maar vanuit je professionaliteit de zorg om de jeugdige delen met de ouders. In dit gesprek vertel je ook dat je wilt samenwerken. Met ouders én met professionals. De Verwijsindex is het hulpmiddel dat de samenwerking tussen professionals ondersteunt. Het daadwerkelijk registreren in de Verwijsindex, doe je pas nádat je ouders hebt geïnformeerd. Open en transparant werken is van belang. Door eerst te vertellen en dan pas de handeling te doen, weet de ouder eerder dat er een match gaat ontstaan dan dat jij als professional dat weet.
En vroegsignalering is de grondslag voor de Verwijsindex. Eén licht signaal hoeft niets te betekenen, maar twee? of drie? Samen kunnen meerdere lichte signalen (uit verschillende domeinen) leiden tot een compleet beeld. Een beeld wat besproken wordt met ouders en waar opgegeven moment ook stap 4 van de Meldcode een plek krijgt: het wegen van de zorg. Lijkt er toch sprake te zijn van HG of KM? Dan ga je als professional naar het AMK of het SHG. Maar is er sprake van andere zorg? Dan zoek je samen naar de passende route om die zorg op te heffen. Bijvoorbeeld m.b.v. het CJG, de jeugdgezondheidszorg, een generalistisch wijkteam, bovenschoolse zorg of een meer specialistische organisatie zoals MEE of 1e-lijnszorg.
Daar waar meerdere partijen betrokken zijn, wordt een Plan van Aanpak gemaakt (stap 5). Dat kan op basis van de betrokkenen uit de Verwijsindex, maar natuurlijk ook met partijen die (nog) niet in de Verwijsindex registreren en het netwerk van het gezin. Er wordt een regisseur danwel een coördinator van zorg benoemd die met het gezin kijkt naar hetgeen wat er dient te gebeuren. Het plan gaat uit van de vraag van het gezin, maar wel met veiligheid van de kinderen als professionele verantwoordelijkheid.
Coördinatie van Zorg; Plan van Aanpak; wie doet wat en wat niet? Wie worden betrokken? Dat is voor een volgend blog. Voor nu is de boodschap: help professionals door de bomen datgene te zien waar het om gaat en geef een integrale boodschap: signaleren van zorg en actief opvolgen van signalen. Met de stappen van de Meldcode voor professioneel handelen en de Verwijsindex als hulpmiddel om het samenwerken over alle domeinen te bevorderen.
Per 1 juli a.s. wordt de Meldcode Huiselijk Geweld en Kindermishandeling wettelijk verplicht voor de sectoren gezondheidszorg, onderwijs, kinderopvang, maatschappelijke ondersteuning, jeugdzorg en justitie. De Verwijsindex is onderdeel van de Wet op de Jeugdzorg. Gemeenten zijn verplicht een Verwijsindex te hebben en het gebruik te bevorderen.
Bevorderen? Hoe dan? Uit ervaring in Eemland blijkt dat het helpt om het verhaal van de Meldcode én dat van de Verwijsindex integraal aan te bieden. Het een versterkt de ander, want bij beide gaat het om zorg. Geef de Verwijsindex dus de logische plaats in de Meldcode die van toepassing is en er worden meerdere doelen bereikt.
De Meldcode richt zich op Huiselijk Geweld (HG) en Kindermishandeling (KM). Maar stap 1 t/m 3 gaan over signalen. Signalen van zorg in brede zin. Het kunnen signalen zijn die duiden op HG of KM, maar dat hoeft niet! Een instabiele thuissituatie; teruggetrokken gedrag bij een jongere; een kind met kapotte en te kleine kleding... het kunnen signalen van HG of KM zijn, maar dat hoeft niet! Er zijn meer factoren die aan deze signaen ten grondslag kunnen liggen en velen daarvan hebben niets te maken met HG of KM! Maar het gaat om het signaleren, juist de lichte signalen. Want hoe vroeger die signalen met het gezin bespreekbaar gemaakt worden, hoe gemakkelijker het is om het gezin te (onder-)steunen in het regelen van hulp of begeleiding. Zonder drang- of dwang.
In stap 1 gaat het om di signalen. In stap 2 bespreek je met een collega hoe je die signalen moet interpreteren. En dan komt ook de Verwijsindex aan bod: is het al nodig om dit kind in de Verwijsindex te registreren? Waarom wel of waarom niet? Stap 1 en 2 (en ook stap 3) kunnen meerdere keren voorkomen. Maar: er komt een moment waarin je je zorg met de ouders bespreekt. Je zet het kind en de zorg centraal. Geen oordelen, niet veroordelen, maar vanuit je professionaliteit de zorg om de jeugdige delen met de ouders. In dit gesprek vertel je ook dat je wilt samenwerken. Met ouders én met professionals. De Verwijsindex is het hulpmiddel dat de samenwerking tussen professionals ondersteunt. Het daadwerkelijk registreren in de Verwijsindex, doe je pas nádat je ouders hebt geïnformeerd. Open en transparant werken is van belang. Door eerst te vertellen en dan pas de handeling te doen, weet de ouder eerder dat er een match gaat ontstaan dan dat jij als professional dat weet.
En vroegsignalering is de grondslag voor de Verwijsindex. Eén licht signaal hoeft niets te betekenen, maar twee? of drie? Samen kunnen meerdere lichte signalen (uit verschillende domeinen) leiden tot een compleet beeld. Een beeld wat besproken wordt met ouders en waar opgegeven moment ook stap 4 van de Meldcode een plek krijgt: het wegen van de zorg. Lijkt er toch sprake te zijn van HG of KM? Dan ga je als professional naar het AMK of het SHG. Maar is er sprake van andere zorg? Dan zoek je samen naar de passende route om die zorg op te heffen. Bijvoorbeeld m.b.v. het CJG, de jeugdgezondheidszorg, een generalistisch wijkteam, bovenschoolse zorg of een meer specialistische organisatie zoals MEE of 1e-lijnszorg.
vrijdag 8 maart 2013
Verwijsindex: een dood paard of doet het ertoe?
"Waarom doe je dit? Het werkt toch niet..."Ik hoor het regelmatig als ik een presentatie geef over de Verwijsindex.
Die Verwijsindex: het systeem bestaat al enige jaren en toch zijn er veel regio's waar het niet optimaal werkt. Professionals vinden het teveel werk; bureaucratie; een extra handeling en voor wat? Ik hoor de argumenten telkens weer:
Natuurlijk: het werkt alleen als iedereen het systeem gebruikt en is vooral geschikt voor de midden- en langere termijn. De 1e match is meestal geen verrassing (sterker nog: veelal weet je dat je een match gaat veroorzaken!). Maar die 3e of 4e partij? Daarvan hoor ik regelmatig dat die nieuw was. Opeens krijgt een VMBO-school een match met de Raad voor de Kinderbescherming (RvdK) op een leerling die onverwachts verdwenen was. De zorgcoördinator was maar wat blij dat hij wist dat die leerling in beeld was en kon waardevolle informatie aan de RvdK leveren. Of die jgz-verpleegkundige die zich met de basisschool zorgen maakte om een meisje in de middenbouw omdat het meisje sociaal-emotioneel niet lekker in haar vel zat. Komt er opeens een match met Bureau Jeugdzorg! Waarom? Omdat politie een zorgmelding van huiselijk geweld had gedaan. Geweld in het gezin waar school niets van wist omdat ouders dit niet wilden of durfden te vertellen.... maar gezamenlijk konden ze hulp regelen: voor het gezin en het meisje!
Dat zijn de matches die er toe doen! Dat zijn de kinderen waar het om gaat. En ja: dat zijn niet alle matches. Dat is een minderheid, maar toch zijn het die kinderen dat ik met overtuiging kan en wil vertellen over de Verwijsindex!
En de Verwijsindex staat voor meer: vroegsignalering; brede aansluiting; 1 Gezin 1 Plan 1 Regisseur; in gesprek met ouders en jeugdigen; samenwerken; over je eigen schutting durven kijken etc. Maar daarvoor is een blog te kort....
Die Verwijsindex: het systeem bestaat al enige jaren en toch zijn er veel regio's waar het niet optimaal werkt. Professionals vinden het teveel werk; bureaucratie; een extra handeling en voor wat? Ik hoor de argumenten telkens weer:
- ik ken iedereen die betrokken is bij mijn klant
- er zijn al korte lijnen in onze wijk / stad
- klanten vertellen mij alles, écht alles
- een signaal en dan? Dan moet ik toch nog steeds wat doen?
- collega's gebruiken het systeem ook niet...
Natuurlijk: het werkt alleen als iedereen het systeem gebruikt en is vooral geschikt voor de midden- en langere termijn. De 1e match is meestal geen verrassing (sterker nog: veelal weet je dat je een match gaat veroorzaken!). Maar die 3e of 4e partij? Daarvan hoor ik regelmatig dat die nieuw was. Opeens krijgt een VMBO-school een match met de Raad voor de Kinderbescherming (RvdK) op een leerling die onverwachts verdwenen was. De zorgcoördinator was maar wat blij dat hij wist dat die leerling in beeld was en kon waardevolle informatie aan de RvdK leveren. Of die jgz-verpleegkundige die zich met de basisschool zorgen maakte om een meisje in de middenbouw omdat het meisje sociaal-emotioneel niet lekker in haar vel zat. Komt er opeens een match met Bureau Jeugdzorg! Waarom? Omdat politie een zorgmelding van huiselijk geweld had gedaan. Geweld in het gezin waar school niets van wist omdat ouders dit niet wilden of durfden te vertellen.... maar gezamenlijk konden ze hulp regelen: voor het gezin en het meisje!
Dat zijn de matches die er toe doen! Dat zijn de kinderen waar het om gaat. En ja: dat zijn niet alle matches. Dat is een minderheid, maar toch zijn het die kinderen dat ik met overtuiging kan en wil vertellen over de Verwijsindex!
En de Verwijsindex staat voor meer: vroegsignalering; brede aansluiting; 1 Gezin 1 Plan 1 Regisseur; in gesprek met ouders en jeugdigen; samenwerken; over je eigen schutting durven kijken etc. Maar daarvoor is een blog te kort....
Abonneren op:
Posts (Atom)




